Beslaan uw ramen 's ochtends dicht, of ziet u druppels langs de onderkant van het glas lopen? Condens op kozijnen en glas is een van de meest voorkomende klachten die wij horen, en de oorzaak verschilt per geval. Soms is het onschuldig, soms wijst het op te weinig ventilatie, en in een enkel geval zit het probleem in het glas zelf. Dit artikel legt uit waar condens vandaan komt, wanneer u zich zorgen moet maken en wat u er zelf aan kunt doen.
Waarom ontstaat condens eigenlijk?
Condens ontstaat zodra vochtige lucht een koud oppervlak raakt. Lucht kan bij een hogere temperatuur meer waterdamp vasthouden dan bij een lage temperatuur; komt die lucht in aanraking met iets kouds, zoals een raam, dan koelt de laag lucht vlak bij het glas snel af en slaat het overtollige vocht neer als kleine druppeltjes.
Twee factoren spelen daarbij mee. Ten eerste het temperatuurverschil tussen binnen en buiten: hoe kouder het buiten is, hoe kouder het glasoppervlak, en hoe groter de kans op condens. Ten tweede de hoeveelheid vocht die u zelf produceert. Een gemiddeld huishouden brengt zo'n tien liter water per dag in de lucht, door koken, douchen, wassen drogen en simpelweg ademhalen (bron: ampa.nl). Zonder voldoende afvoer van die vochtige lucht hoopt het vocht zich op, en het raam is meestal het eerste koude oppervlak waar dat zichtbaar wordt.
De ideale relatieve luchtvochtigheid in een woning ligt tussen de 40 en 60 procent. Daarboven neemt niet alleen de kans op condens toe, maar ook het risico op schimmelvorming.





























